Mijn ouders wonen in Kamp Moria 2 

AvdMeer_CPT_Lesbos2162021_7.jpg

“Ik heet Ghafor,”stelt hij zich voor, een charmante jongen met sprekende groene ogen. “Ons fotomodel,” lacht één van zijn vrienden als hij poseert voor een foto. Voor de veiligheid gebruiken we dit portret niet en geven hem een andere naam. 

Ghafor is 22 jaar oud, hij volgde een studie tandheelkunde. Maar nu heeft hij een barbershop. Zijn eigen haar zit perfect, met als finishing touch een slit, een subtiel weggeschoren stukje wenkbrauw. “Ik wacht nog op de benodigheden om mijn shop te kunnen uitbreiden, want ik heb zes mensen in dienst.”

Ghafor woont op kamers in Mytilini, de hoofdstad van Lesbos en werkt als vrijwilliger bij een buurtcentrum, opgericht door Zwitserse vrijwilligers voor de vluchtelingen op het eiland, om samen met hen te zorgen voor een dagbesteding. Er is bijvoorbeeld een café, een fietsenmaker, een naaiatelier en dus ook een kapper. 

Vanaf het dak is er een prachtig uitzicht over de Middellandse Zee en de kust. De honderden witte tenten die daar staan, horen niet bij een toeristencamping. Het is het nieuwste vluchtelingenkamp op Lesbos, Kamp Mavrovouni, maar in de volksmond Moria 2 genoemd. Het werd gebouwd nadat het beruchte Kamp Moria in het najaar van 2020 afbrandde. 

“Daar wonen mijn ouders,” zegt Ghafor terwijl hij naar het kamp wijst. “In het deel vlak voor de toiletten.” Er staat een lange rij blauwe dixi-toiletten. “Mijn oudste zus woont bij hen. Ze delen de tent met een andere familie.” De tenten, van vier bij vier meter, zijn volgens de normen van de UNHCR bedoeld voor één familie, maar worden door ruimtegebrek gebruikt om twee families te huisvesten. 

Ghafor vertelt dat hij met zijn ouders en zussen vanuit Herat, een grote stad in het westen van Afghanistan, naar Europa heeft moeten vluchten. Zelf heeft hij zijn status gekregen, en is inmiddels in het bezit van een paspoort. Hetzelfde geldt voor bijna al zijn zussen. Zijn ouders en de oudste zus hebben ook een status ontvangen, maar wachten nog op de officiële papieren. Maar het Griekse systeem dat de uitgifte van paspoorten regelt, is langzaam. Tot die tijd mag Ghafor’s familie niet vertrekken uit Moria 2. 

Het leven in het kamp is niet makkelijk. Vanwege Coronaregels mogen de bewoners het kamp slechts verlaten voor doktersbezoek. Ghafor gaat daarom zo vaak als mag langs bij zijn ouders. “Ik breng hen eten, want ze mogen niet zelf koken in hun tent vanwege brandgevaar.” Ghafor vertelt dat het moeilijk is dat er met de maaltijden op het kamp niet altijd rekening wordt gehouden met de eetgewoontes van de verschillende achtergronden van vluchtelingen. Op deze manier probeert hij het wat makkelijker te maken voor zijn ouders. 

Ten opzichte van het overvolle en chaotische Kamp Moria is Moria 2 helaas verre van een verbetering. De locatie aan zee, zonder bomen of enige andere vorm van schaduw, maakt het ondraaglijk warm in de zomermaanden. In de herfst en winter stroomt al het regenwater onder de tenten door richting zee. 

Ook in dit kamp is agressie aan de orde van de dag. Vrouwen durven vaak niet alleen naar de toiletten en de douches uit angst voor seksueel geweld. Daarom blijven ze zoveel mogelijk in hun tent en wassen ze zich daar.

Bovendien blijkt uit een rapport van Human Rights Watch dat de grond van het kamp waarschijnlijk vervuild is met lood. De locatie werd tientallen jaren gebruikt door het leger als schietterrein. Er zijn meerdere meldingen van kogels en mortieren die door spelende kinderen zijn gevonden.

Voor Ghafor en zijn familie is er zicht op een nieuw begin. Het meest ziet hij uit om zijn zus, die asiel heeft gekregen in een ander Europees land, na al die tijd weer te kunnen ontmoeten.

Aan de ene kant van het kamp wonen de families, twee per tent, en aan de andere kant van het kamp staan grote tenten met stapelbedden waar de alleenstaande mannen zijn gehuisvest.

Aan de ene kant van het kamp wonen de families, twee per tent, en aan de andere kant van het kamp staan grote tenten met stapelbedden waar de alleenstaande mannen zijn gehuisvest.

Uitzicht vanaf het dak van het buurthuis voor en door vluchtelingen. Alles is zelfgebouwd, de fietswerkplaats, het café en het naaiatelier. In de verte is Kamp Moria 2 te zien.

Uitzicht vanaf het dak van het buurthuis voor en door vluchtelingen. Alles is zelfgebouwd, de fietswerkplaats, het café en het naaiatelier. In de verte is Kamp Moria 2 te zien.

Moria 2 is gebouwd op een voormalig schietterrein. Spelende kinderen vinden met regelmaat kogels en mortieren in de grond. Human Rights Watch heeft gewaarschuwd voor het gevaar van loodvergiftiging. (Beeld.: www.hrw.org)

Moria 2 is gebouwd op een voormalig schietterrein. Spelende kinderen vinden met regelmaat kogels en mortieren in de grond. Human Rights Watch heeft gewaarschuwd voor het gevaar van loodvergiftiging. (Beeld.: www.hrw.org)

Ongeveer 7000 vluchtelingen wonen in het tijdelijke kamp Moria 2. Bewoners mogen maximaal eens per week naar buiten, en bezoekers worden niet toegelaten.

Ongeveer 7000 vluchtelingen wonen in het tijdelijke kamp Moria 2. Bewoners mogen maximaal eens per week naar buiten, en bezoekers worden niet toegelaten.

Tekst en fotografie: Anke van der Meer

Vorige
Vorige

De bende die de brand in Moria achterliet

Volgende
Volgende

Ten slotte: Een viering zonder vluchtelingen